Verzekeringen en pensioenen

Kapitaalverzekering gebruiken voor betalingsproblemen

Veel mensen die in hun eigen huis wonen, hebben naast hun hypotheeklening een kapitaalverzekering gesloten. Dat is een verzekering die een bepaald bedrag uitkeert om later de hypotheek te kunnen aflossen. Er wordt dan jaarlijks (per kwartaal, maandelijks) een premie betaald die wordt belegd door de verzekeringsmaatschappij. Zo’n verzekering heeft een groot voordeel ten opzichte van het zelf sparen voor de aflossing van de hypotheek. Tijdens de looptijd is de waarde van zo’n verzekering namelijk niet belast in box 3 (eigen spaargeld wel, dus dat kost in principe ieder jaar 1,2% belasting over het gespaarde bedrag). De belastingheffing van zo’n verzekering valt in box 1, maar daar gelden grote vrijstellingen als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.

De belangrijkste voorwaarde is dat de premies tenminste 15 jaar moeten worden betaald. Bovendien mag de hoogste premie niet meer dan tien keer zo hoog zijn als de laagste (bandbreedte-eis). Er gelden twee vrijstelling: de lage vrijstelling van € 35.700,- bij minimaal 15 jaar premiebetaling en van € 157.000,- (verminderd met de eerder gebruikte vrijstelling) bij tenminste 20 jaar premie betalen. In beide gevallen geldt dat het uitgekeerde kapitaal gebruikt moet worden om de eigenwoningschuld af te lossen.

Door de economisch slechte situatie, en met name de slechte woningmarkt, is het voor veel mensen lastig om de jaarlijkse premie op te brengen. Bovendien blijft de hypotheek en daarmee de rentebetaling hoog, want er wordt niet afgelost. De regering heeft oog voor deze betalingsproblemen en heeft een verruiming gegeven voor gevallen waarin de verzekering kan worden afgekocht voordat de vereiste termijn is bereikt. De verzekering mag zonder belastingheffing worden afgekocht in de volgende situaties:

  • bij echtscheiding of verbreking van een fiscaal partnerschap;
  • als de verkoopprijs van de vorige woning onvoldoende is om de daarop rustende eigenwoningschuld geheel af te lossen;
  • als gebruik wordt gemaakt van een vorm van schuldhulpverlening.

De premies moeten wel hebben voldaan aan de bandbreedte-eis, de uitkering moet lager zijn dan de hoge vrijstelling (van € 157.000,-) en de afkoopsom moet zo veel mogelijk worden gebruikt om de eigenwoningschuld af te lossen, maar het meerdere mag vrij gebruikt worden. Ook een bankspaarrekening eigen woning en een beleggingsrecht eigen woning mogen onder deze voorwaarden worden gedeblokkeerd.

Wie gebruikt maakt van deze goedkeuring moet aan de bank of verzekeringsmaatschappij aannemelijk maken dat hij zich in deze situatie bevindt. Deze geeft vervolgens aan de Belastingdienst door dat de verzekering is afgekocht.

Wie zich in een andere situatie bevindt, maar van mening is dat deze regeling ook voor hem zou moeten gelden, kan dat doorgeven aan zijn eigen Belastingdienst, waarvan het adres is te vinden op www.belastingdienst.nl.

Bron: Anima

Lijfrentepremie alleen aftrekbaar in jaar van betaling

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat een belastingplichtige in 2008 geen lijfrentepremie in aftrek kon brengen. De man had in dat jaar namelijk geen lijfrentepremie betaald.

De man brengt in zijn IB-aangifte 2008 een bedrag van € 18.204 in aftrek aan betaalde premies voor inkomensvoorzieningen. Dit bedrag heeft betrekking op een door de werkgever van de man in 2000 betaalde lijfrentepremie die nooit in aanmerking is genomen. De inspecteur corrigeert de aangifte. Hij stelt dat de lijfrentestorting in het jaar 2000 niet in 2008 tot aftrek kan leiden.

Hof Amsterdam oordeelt dat de man in 2008 geen lijfrentepremie in aftrek kan brengen. Het hof overweegt hierbij dat een lijfrentepremie slechts in het jaar van betaling in aftrek kan worden gebracht. Aangezien vaststaat dat de belastingplichtige in 2008 geen lijfrentepremie heeft betaald, kan hij ook niets in aftrek brengen. Het gelijk is aan de inspecteur.

Bron: Pleinplus

Overgangsregeling ontslaggeld ook voor banksparen

Werknemers die hun ontslagvergoeding willen storten op een bankspaarrekening, kunnen ook gebruikmaken van de overgangsregeling die geldt in 2014. Dat heeft staatssecretaris Weekers woensdag laten weten in de Tweede Kamer, zo meldt De Telegraaf.

Onder fiscalisten bestond de indruk dat werknemers die kiezen voor banksparen oneerlijk worden behandeld ten opzichte van degenen die gaan voor de variant van een stamrecht-bv. Zij concludeerden dit op basis van uitspraken van het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP) van de fiscus. Daarmee ging het aanspreekpunt lijnrecht in tegen de suggestie die Weekers eerder in de Tweede Kamer deed.

Bron: Accountancy Nieuws

Staatssecretaris Weekers treft overgangsregeling voor Nederlandse gepensioneerden in Duitsland

Staatssecretaris van Financiën Frans Weekers wil een overgangsregeling treffen voor in Duitsland wonende gepensioneerden met een Nederlands pensioen. Dat heeft hij in een Nota van Wijziging aan de Tweede Kamer laten weten. Het vorig jaar getekende nieuwe belastingverdrag met Duitsland pakt voor een deel van de gepensioneerden nadelig uit. Om deze groep tegemoet te komen heeft de Staatssecretaris voorzien in een overgangsregeling van zes jaar waarin op deze pensioenen tijdelijk een lager belastingtarief van toepassing is.

Het nieuwe belastingverdrag met Duitsland bevat belangrijke wijzigingen voor de belastingheffing van gepensioneerden. Gepensioneerden met een pensioen, lijfrente of socialezekerheidsuitkering van in totaal meer dan € 15.000, gaan belasting betalen in het land waaruit die betalingen afkomstig zijn. Voor een groep gepensioneerden die in Duitsland wonen en een Nederlands pensioen genieten, betekent dit dat zij in Nederland belasting moeten gaan betalen. Deze wijziging is voor een deel van deze gepensioneerden nadelig, omdat Duitsland minder belasting heft over deze pensioenen dan dat Nederland met het nieuwe belastingverdrag gaat doen. Weekers: “Ik vind het belangrijk dat deze groep gepensioneerden de tijd krijgt om zich aan deze situatie aan te passen. Daarom wil ik voorzien in een overgangsregeling voor zes jaar om de gevolgen van deze overgang van het heffingsrecht geleidelijker te laten verlopen.”

Het nieuwe belastingverdrag met Duitsland moet nog worden goedgekeurd door het parlement en zal naar verwachting per 1 januari 2015 in werking treden.

Bron: Ministerie van Financiën

Weekers zet voorwaarden afbakening bestaand stamrecht op een rij

In een brief aan de Tweede Kamer heeft staatssecretaris Weekers van Financiën de voorwaarden voor afbakening van een op 31 december 2013 bestaand stamrecht uiteengezet. Aanspraken die aan drie voorwaarden voldoen komen in aanmerking voor toepassing van het overgangsrecht voor de stamrechtvrijstelling.

Ten eerste dient de stamrechtovereenkomst vóór 1 januari 2014 getekend te zijn. Ten tweede dient uit die overeenkomst te blijken dat het bedrag ter financiering van de aanspraak bij een in de wet aangewezen aanbieder wordt ondergebracht. Ten derde dient op 31 december 2013 de ontslagdatum vast te staan. Het ontslag moet zijn aangezegd vóór 1 januari 2014 en binnen een korte termijn uitgevoerd te worden.

Om gebruik te kunnen maken van de 80%-regeling in 2014 geldt nog de aanvulling dat het bedrag vóór 15 november 2013 door de werkgever moet zijn overgemaakt.

Ook gaat de staatssecretaris in de brief in op de situatie dat één van de echtgenoten een schenking van € 100.000 krijgt die bestemd is voor aflossing van de eigenwoningschuld maar waaraan een uitsluitingsclausule verbonden is. Als er een gemeenschap van goederen is kan bij echtscheiding een eigenwoningreserve ontstaan voor elk van de echtgenoten. Met de vergoedingsvordering van de begiftigde echtgenoot op de huwelijksgemeenschap wordt fiscaal geen rekening gehouden.

Verder gaat Weekers uitgebreid in op vragen over de energiebelastingen en de leidingwaterbelasting. Tenslotte reageert hij op vragen over de wetsvoorstellen Overige fiscale maatregelen 2014 en Wet aanpak fraude toeslagen en fiscaliteit.

Bron: Accountancy Nieuws

Weekers: Laatste ontslagdatum stamrecht 30 juni 2014

Werknemers die nog gebruik willen maken van de constructie waarbij een ontslagvergoeding in een stamrecht-bv wordt gestort, moeten daarvoor hun ontslag uiterlijk 31 december aangezegd krijgen. De ontslagdatum moet uiterlijk op 30 juni volgend jaar liggen. Staatssecretaris Frans Weekers (Financiën) legde dat recent uit in de Tweede Kamer.

Weekers schat in dat er zo voldoende tijd is voor mensen die overwegen een stamrecht-bv op te zetten. De fiscaal gunstige stamrecht-bv verdwijnt per 1 januari.

In de Kamer en bij vakbond CNV waren zorgen over het afschaffen van de regeling, omdat bij reorganisaties soms de uiteindelijke ontslagdatum nog niet bekend is.

Bron: Accountancy Nieuws

Informatie Belastingdienst over overgangsrecht stamrechtvrijstelling

Per 1 januari 2014 vervalt de stamrechtvrijstelling. Voor stamrechten die zijn toegekend vóór 1 januari 2014 en waarop de stamrechtvrijstelling van toepassing is, geldt overgangsrecht, zo laat de Belastingdienst begin november weten.

Deze stamrechten blijven bestaan onder de huidige voorwaarden. Belastingdienst: ‘Daarnaast mag u in 2014 deze stamrechten in de volgende 2 situaties in 1 keer uitkeren, waarbij u loonheffingen inhoudt over 80% van de uitkering:

  • U stort de uitkering ter vervanging van gederfd of te derven loon (bijvoorbeeld een ontslaguitkering) vóór 15 november 2013 op de rekening van de stamrecht-bv, bank, beleggingsinstelling of verzekeraar.
  • U bent werkgever en treedt zelf op als verzekeraar van het stamrecht. Ook verplicht u uzelf vóór 15 november 2013 het stamrecht te verzekeren.’

Meer informatie over het vervallen van de stamrechtvrijstelling en de mogelijkheid tot een eenmalige uitkering is te vinden in de 2e uitgave van de ‘Nieuwsbrief loonheffingen 2014’, die begin december verschijnt.

Bron: Accountancy Nieuws

Regels AOW en samenwonen worden eenvoudiger

Ouderen met een AOW-uitkering die samenwonen maar wel hun eigen (huur)huis hebben waarvoor zij de kosten betalen, worden voortaan gezien als niet-samenwonend. Hierdoor ontvangen zij een hogere AOW-uitkering. De regels worden eenvoudiger voor AOW-ers en zijn makkelijker uit te voeren door de SVB. Staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid schrijft dit medio oktober in een brief aan de Tweede Kamer.

Klijnsma: ‘Ik ben blij dat er simpele regels komen. Ongehuwde AOW-ers die een eigen (huur)woning hebben krijgen voortaan 70% AOW, indien ze  een partner hebben die ook eigen (huur)woning heeft. Dit levert meer duidelijkheid op voor de AOW-ers.’ 

De regels zijn complex voor lattende AOW-ers en de controle is arbeidsintensief voor de SVB. Het voorstel zorgt er voor dat de regels eenvoudiger worden en er daardoor meer duidelijkheid komt voor de AOW-ers. De Sociale Verzekeringsbank kan deze regels dan ook makkelijker uitvoeren.

De staatssecretaris verwacht begin volgend jaar het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer aan te bieden. Dan komt er ook meer duidelijkheid over de precieze ingangsdatum van de nieuwe regels. Met dit voorstel gaat ongeveer 25 miljoen per jaar gemoeid.

Een AOW-er die alleen woont en een eigen huurwoning heeft, ontvangt een AOW-uitkering van 70% van het netto minimumloon. Een getrouwde of samenwonende AOW-er ontvangt  50% van het netto minimumloon.

 

Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid